NPS +57 NPS +57
Flexibel en snel Flexibel en snel
Klantgericht en deskundig Klantgericht en deskundig
Transparant en innovatief Transparant en innovatief

31 januari 2022

Zeeuwen zijn over het algemeen behoorlijk gelukkig: gemiddeld geven ze hun leven een 8,4, het hoogste rapportcijfer van alle Nederlanders. Ook het geluksgevoel over hun eigen jeugd ligt hier met een 7,4 niet ver vandaan. Het blijkt uit onderzoek van DirectResearch onder ruim duizend Nederlanders van 18 jaar en ouder in december 2022 in opdracht van de Nationale Postcode Loterij.

Hoewel Nederlanders te boek staan als nuchter, hebben ze toch ook een melancholische inslag, blijkt uit het onderzoek. Twee op de drie (64%) hebben warme gevoelens bij de plek waar ze zijn opgegroeid en een kwart (25%) verlangt er zelfs naar terug. Deze kerst viert meer dan de helft (52%) eerste kerstdag in de gemeente waar hij of zij is opgegroeid. Zeeuwen en Groningers zijn van alle Nederlanders kritischer, zij geven de stad of het dorp uit hun jonge jaren respectievelijk een 6,8 en 6,9.

Nederlanders zijn over het algemeen tevreden over hun jeugd, maar niet iedereen is over één kam te scheren. Zeeuwen geven hun jeugd een 7,4, terwijl mensen die hun jonge jaren doorbrachten in Drenthe die beoordelen met een 8,1.

In de beleving van het huidige geluk zitten ook regionale verschillen. Waar Friezen een 7,2 als rapportcijfer geven, beoordelen Zeeuwen dit met een 8,4, het hoogst van alle Nederlanders. Er zijn overigens wel verschillen in de geluksbeleving tussen mannen en vrouwen. Hoewel het niet mijlenver uit elkaar ligt, voelden mannen zich vroeger gelukkiger dan vrouwen (7,8 tegenover 7,4). Ook over hun huidige gelukstatus zijn mannen positiever (7,8) dan vrouwen (7,6).

Bron: www.ad.nl

30 januari 2022

Volgens een onderzoek van DirectResearch in opdracht van Appian willen Nederlandse bedrijven hun initiatieven op het gebied van environment, social en governance (ESG) verbeteren. Maar liefst 95% van de respondenten kampt echter met uitdagingen op het gebied van data en gefragmenteerde processen.

Voor het onderzoek zijn professionals bij middelgrote bedrijven met ten minste 250 werknemers in Nederland ondervraagd. De respondenten werd gevraagd naar het gebruik van data voor optimale klantbediening en hoe ESG-processen hierin een rol spelen binnen hun bedrijf.
Ruim 9 op 10 ondervraagden (92%) geeft aan dat zij data inzetten om klantbedieningsprocessen werkend en effectief te krijgen. Maar veel respondenten ervaren uitdagingen op het gebied van data. Deze zijn onder andere te wijten aan losgekoppelde systemen binnen hun organisatie. Deze silo’s belemmeren het analyseren van data (75%) en zorgen voor te veel uitdagingen op het gebied van datarapportage (64%) en het inzetten van deze data (66%). Daarnaast zegt maar liefst 95% van de respondenten een of meer uitdagingen te ondervinden op de volgende gebieden:
• Data analyseren (49%)
• Processen automatiseren (45%)
• Verzamelen van data (33%)
• Rapporteren van data (33%)  

“Het is goed om te zien dat de meeste mensen de waarde van data begrijpen. Het is echter zorgwekkend dat honderden Nederlandse organisaties tegen uitdagingen aanlopen als het gaat om het inzetten ervan ten behoeve van de bedrijfsvoering”, aldus Marten Kruisinga, Regional VP Benelux en Nordics bij Appian.

“Organisaties zouden meer waarde uit hun data kunnen halen door een enterprise process automation platform te gebruiken dat verweven is met een data fabric die datasilo’s elimineert om het verzamelen en analyseren van data te vereenvoudigen.”

De steun van het management voor ESG-initiatieven is groot: 85% spreekt zijn steun uit voor ESG-doelstellingen en -beleid. Organisaties hebben ambitieuze doelstellingen om de klantbediening te verbeteren en vier op de vijf (82%) respondenten gaven aan dat environment, social en governance (ESG) daarbij een rol spelen. Specifiek:

• 46% deelde mee dat hun bedrijf al investeert in een sociale bedrijfscultuur.
• 42% investeert in groene initiatieven binnen het bedrijf.
• 37% doet groene investeringen buiten de organisatie.

Hoewel de wens om betere ESG-processen op te zetten al groot is, zijn verbeterde samenwerking en toezicht beide cruciaal voor een succesvolle implementatie. Bijna de helft van de ondervraagden (46%) zegt moeite te hebben met de implementatie van ESG binnen het bedrijf, en 38% geeft aan dat samenwerking tussen verschillende afdelingen een struikelblok is. Daarnaast heeft een op de drie respondenten problemen met de naleving van lokale en internationale regelgeving en ESG-rapportage.
Automatiseringsoplossingen worden gezien als nuttig voor het implementeren van ESG-bewuste processen binnen organisaties door bestaande systemen samen te voegen (43%). Daarnaast staat de mogelijkheid om zich snel aan te passen aan ESG-criteria en regelgeving met behulp van low-code toepassingen hoog op het verlanglijstje van een derde van de werknemers in het onderzoek.

“ESG-praktijken zijn voortdurend onderhevig aan veranderingen in de regelgeving”, aldus Herbert Schild, Global Industry Lead in Financial Services bij Appian. “De onderliggende gedetailleerde vereisten voor processen, datavolumes en hun kwaliteit zullen in de toekomst alleen maar toenemen en steeds complexer worden. Wat de ESG gerelateerde use case ook mag zijn, een flexibel enterprise platform is onmisbaar. Daarnaast is automatisering nodig om de technische vereisten die horen bij ESG gerelateerde regelgeving op te vangen.”

Over het onderzoek

In opdracht van Appian heeft onderzoeksbureau DirectResearch een onderzoek uitgevoerd onder 306 Nederlandse professionals in 2022 die beslissers zijn op het gebied van marketing, sales, IT, management, klantenservice, productontwikkeling en legal.

Over Appian

Appian is het uniforme platform voor verandering. Wij versnellen de bedrijfsvoering van onze klanten door de belangrijkste processtromen en mogelijke optimalisatie hiervan bij hen te identificeren, te ontwerpen en te automatiseren. Het Appian Low-Code Platform combineert alle essentiële capaciteiten die nodig zijn voor een versnelde uitvoering van werk: Process Mining + Workflow + Automation, in één gezamenlijk low-code platform. Appian is open, enterprise grade, en wordt vertrouwd door ’s werelds grootste bedrijven.

Bron: www.emerce.nl

16 januari 2023

Uit onderzoek door Direct Research in opdracht van veganistische vleesvervanger Beyond Meat blijkt bewuster eten een van de meest genoemde voornemens voor 2023. En de meeste voornemens zijn al gesneuveld tegen de tijd dat het Blue Monday is.

Een op de vijf Nederlanders wil zijn vleesconsumptie reduceren in 2023. Bram Meijer, Marketing Director EMEA Beyond Meat: ‘Beyond Meat gaat samenwerken met online foodies om het gevreesde “afhaakmoment” van deze goede voornemens op Blue Monday om te zetten in Green Monday.’ 

Goede voornemens: op de eerste dag geeft 1 op de 10 het al op

45% van de ondervraagden doet dit jaar aan goede voornemens, waarvan 44% zegt bewuster te willen eten. Echter, een op de vijf respondenten zegt deze hoogstwaarschijnlijk binnen zo’n twee weken alweer op te hebben gegeven en dit breekpunt valt vaak samen met Blue Monday. Deze meest ontmoedigende dag van het jaar is vandaag.
De meest populaire voornemens onder Nederlanders zijn:
-meer bewegen (52%)
-bewuster eten (44%)
-minder druk maken (37%)
-meer tijd met vrienden en familie doorbrengen (24%)
-minder dierlijk vlees of andere dierlijke producten eten (18%).
Een op de drie respondenten geeft aan het wel lastig te vinden om goede voornemens vol te houden. Op de eerste dag geeft een op de tien het zelfs al op en na twee weken houdt een op de vijf het voor gezien. Op de vraag waarom het moeilijk is om goede voornemens vol te houden, wordt genoemd genoemd dat het teveel moeite kost of mentaal/lichamelijk te zwaar was. Op het vlak van minder vlees eten of andere dierlijke producten wordt aangegeven dat de beschikbaarheid van smaakvolle vleesvervangers (55%) en lekkere (40%) en makkelijke recepten (34%) hierbij zouden helpen om dit voornemen langer vol te houden.

Foodies

Meijer: ‘Het verheugt ons dat bijna de helft van de Nederlanders voornemens is om dit jaar bewuster te eten en dat een op vijf ook de consumptie van dierlijk vlees wil verminderen. Bij Beyond Meat willen we het graag makkelijk maken je levensstijl aan te passen of je jezelf nu identificeert als carnivoor, flexitarier, vegetariër of vegan, want onze producten zijn zo ontworpen dat ze qua textuur, bereidingswijze en smaak hetzelfde zijn als dierlijk vlees, maar dan meer planeetvriendelijk.’ Hiervoor heeft Beyond Meat de handen ineengeslagen met een aantal Nederlandse online foodies. Zij zijn gevraagd om een van hun favoriete recepten te koken met een van de producten uit het Beyond Meat-assortiment en deze vanaf Blue Monday online te delen om zo anderen te inspireren en te motiveren om plantaardig vlees te eten. Deze makkelijke en vooral ook lekkere recepten zijn te vinden via de hashtag #JanuaryandBeyond en op de website van Beyond Meat is meer kookinspiratie te vinden.

Bron: www.marketingtribune.nl

20 december 2022

Er komen steeds meer vegan restaurants en de supermarktschappen liggen steeds voller met vegaburgers en havermelk, maar toch kiezen veel mensen tijdens de feestdagen voor vlees. Bij maar liefst 80 procent van de Nederlanders ligt met kerst vlees op het bord, blijkt uit onderzoek door DirectResearch. Met het jaarlijkse Kerstdiernee van World Animal Protection (WAP) willen ze daar verandering in brengen.

Uit het onderzoek blijkt dat slechts vier procent van de Nederlanders met kerst vegetarisch of plantaardig eet. Zestig procent van de ondervraagden geeft aan vlees en vis lekkerder te vinden, en dat een vleesgerecht ‘nu eenmaal bij een kerstdiner hoort’. Toch vindt bijna de helft van Nederland het niet erg als iemand anders ze een plantaardig kerstdiner zou voorschotelen (46 procent), en dat een kerstdiner ook vegetarisch zou kunnen (45 procent).  

Goede foute kersttrui

Ook World Animal Protection juicht een plantaardig ‘Kerstdiernee’ toe. De dierenbeschermingsorganisatie deelt tips voor plantaardige kerstmenu’s en verkoopt een ‘goede foute kersttrui’ voor een statement aan de kerstdis. 

Julia Bakker, de campagnemanager Dieren in de veehouderij: ‘Terwijl wij gezellig aan het kerstdiner zitten, brengen miljoenen dieren in Europa hun kerst door in veel te krappe kooien of megastallen, omdat mensen graag vlees willen eten. Het is tijd voor verandering. Een plantaardig kerstdiner is niet alleen beter voor het dierenwelzijn; het is minstens zo lekker, gezonder én beter voor het klimaat. Het past veel beter bij de kerstgedachte dan een dood dier op je bord.’

De flexitariër

De organisatie vindt het mooi om te zien dat ruim twee derde van de flexitariërs open staat voor een vegetarisch of plantaardig kerstdiner, tegenover een kwart van de vleeseters. Flexitariërs zouden sneller zelf een kerstdiner zonder vlees bereiden, en eerder voor vegetarische opties gaan. Bij de keuze tussen een plantaardig en vlees- of visgerecht kiezen zij eerder voor een vegaburger (53 procent) dan een varkensrollade (47 procent), en eerder paddenstoelenragout (57 procent) dan een garnalencocktail (43 procent). Veelbelovend, vindt Bakker: ‘De flexitariër kan het verschil maken deze kerst. Ik daag hen graag uit om ook tijdens kerst aan hun idealen te denken. En daarmee aan de dieren.’ 

Bron: www.worldanimalprotection.nl

8 december 2022

Artsen zonder Grenzen bood deze zomer voor het eerst noodhulp aan in Nederland, bij het aanmeldcentrum in ter Apel. Een meerderheid van de Nederlanders (67 procent) onderschrijft de inschatting dat de situatie voor asielzoekers daar onacceptabel was. Dat komt naar voren uit een onderzoek van de medische noodhulporganisatie.  

Voor het eerst in de 51-jarige geschiedenis van de noodhulporganisatie bood Artsen zonder Grenzen (AzG) deze zomer noodhulp, in Nederland. Voor de poorten van het aanmeldcentrum in het Groningse Ter Apel werd een medische kliniek opgetuigd omdat de situatie daar met zevenhonderd asielzoekers voor de deur uit de hand liep. De Nederlandse overheid kon de benodigde hulp niet bieden, stelde AzG. Er overleed in die dagen een 3 maanden oude baby in een sporthal die als noodopvang werd gebruikt.

Het ingrijpen van AzG leidde een verbetering van een dramatische situatie, maar ook tot uiteenlopende reacties in de publieke opinie. Artsen zonder Grenzen-directeur Judith Sargentini is blij met de uitkomsten van het onderzoek waaruit volgens haar gelukkig een breder medeleven spreekt met asielzoekers dan vaak wordt gedacht (zie kader). Een – vaak stille – meerderheid van de Nederlanders blijkt in het onderzoek helemaal niet zo hardvochtig is als je zou kunnen opmaken uit sommige stemmingmakerij in de sociale media. De donateurs van Artsen zonder Grenzen reageerden in ieder geval positief met donaties, zegt Sargentini. ,,Wij hadden hetzelfde gevoel als heel veel Nederlanders. Zo van: het is toch niet waar dat wij ons genoodzaakt voelen om in Nederland hulp te gaan verlenen, voor de deur van een overheidsopvangcentrum voor vluchtelingen. Dat kán toch niet waar zijn. En toch voelden we ons daartoe genoodzaakt.”   

Gelukkig maar een korte periode, voegt ze eraan toe, want de aanwezigheid van het crisisteam leidde tot verbetering in de opvang en de medische en sanitaire voorzieningen.

Steuntje

Het onderzoek gaat in tegen andere, recente, peilingen waarin vooral de zorgen over asielzoekers worden uitvergroot en is een steuntje in de rug voor mensen die het belang van solidariteit en medeleven wél onderschrijven, denkt Sargentini. ,,Wat hieruit spreekt is dat diep van binnen mensen elkaar willen helpen en zich ook aangesproken voelen als er om hulp gevraagd wordt. Er is een verhard debat in de samenleving, dat ontken ik niet. Maar ik wil ook proberen die verharding te counteren met de verbazing en de verontwaardiging van mensen die met ons denken dat wat in Ter Apel gebeurde echt niet kan. Ik zie een heel brede stroming van Nederlanders die vluchtelingen, mensen in nood en mensen op drift, gewoon goed en netjes willen ontvangen. Die brede groep begrijpt dat er als samenleving een verantwoordelijkheid ligt, zo lees ik uit de onderzoek. Dat zijn ook de mensen die ons steunen in ons werk. Die mensen komen overal vandaan, uit alle geledingen. Dat doen ze trouw en met liefde. Degenen die ons werk steunen hebben ook een stem hebben in deze samenleving.” 

De actie in Ter Apel werd door AzG ‘netjes aangemeld’ bij de autoriteiten, zegt Sargentini terugblikkend. ,,We werden eigenlijk heel goed ontvangen. Ik vond het illustratief dat staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel) op de ochtend dat we begonnen zei dat het erg was dat Artsen zonder Grenzen dit moest doen, maar tegelijk was hij er ook heel blij mee. Dat was een logische en keurige reactie van hem. De medewerkers in ter Apel van het COA en van de overheid hebben echt hun best gedaan. Die werken daar omdat ze hart voor de zaak hebben, ik heb daar geen enkele twijfel over. Maar ze zijn in een situatie terecht gekomen die niet meer houdbaar was.” 

Drie keer een ambulance

De aanwezigheid van AzG was urgent en gerechtvaardigd, constateert Sargentini. ,,Wat wij aantroffen waren mensen die al meerdere weken voor de deur lagen en die met chronische ziekten verwaarloosd waren. Op de dag dat we begonnen hebben we drie keer een ambulance moeten laten komen. GGD Groningen kon het niet aan, zeiden ze zelf hardop. Ze zeiden dat ze niet verantwoordelijk waren voor de mensen voor de hekken, wat niet waar is. Vóór de hekken heet het ook Groningen. Maar ik begrijp ook dat zij niet in staat waren de ontstane situatie in betere banen te leiden. We hebben 449 mensen medische hulp gegeven en 203 mensen psychologisch consult. Maar daarnaast heeft het ook geleid tot een versnelling van het optreden van de overheid: na een week stonden daar gewoon douches en toiletten aangesloten op het riool, voor mannen en vrouwen gescheiden. In plaats van tien overstroomde dixi’s.”

Het verharde debat over asielzoekers laat haar niet onberoerd. ,,Ik vind dat heel verdrietig. We hebben gezien hoe welkom Oekraïners in Nederland zijn. We hebben ook gezien hoe goed ze zijn opgevangen en hoe mensen een plek kregen aangeboden in onze samenleving. Ik zou zeggen laten we daar een voorbeeld aannemen voor anderen.”

Onderzoek

Het onderzoek is in november van dit jaar uitgevoerd door onderzoeksbureau DirectResearch, in opdracht van Artsen zonder Grenzen en is representatief voor de Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder op geslacht, leeftijd en opleiding. Uit de enquête komt naar voren dat twee derde van de Nederlanders vinden wat er deze zomer speelde in ter Aapel niet alleen onacceptabel (67%) is, ze willen ook niet dat vluchtelingen dit in andere landen overkomt (72%). Hoog op de agenda staat ook solidariteit: 80 procent van de Nederlanders geeft aan zich het lot aan te trekken van mensen op de vlucht buiten de eigen landsgrenzen. 79 procent vindt dat vluchtelingen waar dan ook ter wereld goede medische zorg moeten krijgen. Artsen zonder Grenzen biedt medische zorg aan slachtoffers van aardbevingen, epidemieën, conflicten en andere rampen overal ter wereld. De medische noodhulporganisatie vindt dat iedereen in crisissituaties de hulp moet kunnen krijgen die men nodig heeft.

Bron: www.ad.nl

7 december 2022

Smartphone neemt een steeds belangrijkere plaats in ons leven in: 1 op 5 leeft liever zonder auto dan zonder smartphone     

Dilemma op dinsdag: je gaat ergens naartoe (feestje, brunchen… noem maar op), maar je smartphone ligt aan de lader te powernappen en is pas op tien procent. Vertrek je of blijf je nog even? Als je hier ‘ik vertrek’ op antwoordt, ben je moediger dan een hoop Belgen. Nieuw onderzoek van OnePlus, uitgevoerd door Direct Research, toont namelijk aan dat een derde van ons er geen seconde aan denkt om het huis te verlaten als hun smartphone onder de twintig procent is. Sterker nog: het gemiddelde batterijpercentage waarop mensen zich comfortabel genoeg voelen om op pad te gaan, ligt op 57 procent. Alles daaronder, en we beginnen al mentaal te zweten als we de voordeur nog maar achter ons dichttrekken. 

Ken je dat gevoel dat als de batterij van je smartphone leeg is, het wel lijkt alsof je leven even stilstaat – geen berichten, geen navigatie, geen mogelijkheid om een schattige hond achter een winkelraam vast te leggen voor op je Instagram? Dan ben je niet alleen. Battery Anxiety is een bekend fenomeen dat voor stress en zelfs paniek kan zorgen. Als de smartphone uitvalt terwijl ze niet thuis zijn, gaat 34% van de Belgen gericht op zoek naar een oplaadplek. 16% is op zo’n moment zelfs in staat om een nieuwe oplader te kopen.   

De batterij voorop

Dit beeld bevestigt dat de smartphone een essentiële extensie van ons lichaam is geworden. Bijna driekwart van de mensen (73%) kijkt daarom eerst naar de batterij-autonomie als ze een nieuwe telefoon kopen. Dit steekt ver uit boven de camerakwaliteit (50%) en het geheugen (53%). En 32% zegt dat het snel leeggaan van de batterij hen het meest stoort aan hun huidige toestel.    

Het belang dat wij (en fabrikanten) aan de batterijprestaties hechten, stijgt mee met de functies die we op onze smartphones installeren. Die worden er niet minder op: voor steeds meer dagelijkse activiteiten is onze telefoon gewoonweg onmisbaar. Deze realiteit zorgt ervoor dat 64% van ons nooit het huis verlaat zonder onze smartphone. 31% doet daarom standaard een dubbelcheck om te kijken of ze hem wel zeker meehebben voordat ze de deur uitgaan. Vroeger checkte je alleen je ene jaszak voor je sleutels, nu ook standaard de andere voor je smartphone.    

Waar ligt de grens?

Dat smartphones steeds belangrijker en veelzijdiger worden, maakt het leven makkelijker, maar waar ligt de grens? Twee op de tien Belgen spendeert inmiddels elke dag 4 uur of meer op de smartphone, 19% gaat liever niet op vakantie zonder smartphone en 46% gebruikt de telefoon voor een breed scala aan activiteiten als betalingen en afspraken inplannen. 82% is hierdoor van mening dat we er te afhankelijk van zijn, en 47% vindt dit zelfs oprecht jammer.   

Een nieuw dilemma illustreert hoe diep de connectie met onze smartphone wel niet is: als we de keuze moeten maken tussen een leven zonder auto of zonder smartphone, zegt 19% de auto vaarwel. Sommigen (11%) zouden er zelfs hun seksleven voor opgeven.   

Naarmate gebruikers dichter naar hun smartphone toegroeien, zal het verfijnen van de batterij en het verlengen van de levensduur steeds belangrijker worden. Wie weet staat de technologie in de toekomst wel zo ver dat onze smartphones automatisch draadloos opladen op vaste punten waardoor ze nooit meer leeg geraken en batterijangst – net zoals de klassieke oplader – tot het verleden behoort.  

Bron: news.pressmailings.com

1 november 2022

In Nederland hechten we veel waarde aan vriendschap; gemiddeld hebben we 4 goede vrienden die dicht bij ons staan. Hoewel deze meest hechte vriendschappen bestaan uit mensen die onderling veel overeenkomsten vertonen, staat bijna iedereen open voor meer diversiteit in hun bredere vriendenkring qua leeftijd, sekse, opleiding, hobby’s, migratieachtergrond en leefstijl. Dit blijkt uit het Vriendschapsonderzoek 2022 dat afgelopen zomer is uitgevoerd in opdracht van Stichting Vier de Vriendschap.

Woensdag 2 november vieren we Nationale Vriendschapsdag; dé dag voor iedereen om stil te staan bij vriendschappen, deze te koesteren, nieuw leven in te blazen of samen te vieren. Stichting Vier de Vriendschap liet in aanloop naar deze dag voor de tweede keer het Vriendschapsonderzoek uitvoeren. Volgens de stichting is het belangrijk om bewust aandacht te besteden aan vriendschappen, omdat ze onmisbaar zijn in ons leven. Het recente onderzoek onder 1277 respondenten wijst dat ook uit. Zo geeft 96% van de respondenten aan dat vriendschappen hun leven leuker maken. Daarnaast laat 92% weten dat vriendschappen belangrijk zijn voor hun kwaliteit van leven; een percentage dat significant hoger ligt dan bij de meting een jaar geleden (82%). Aanvullend op deze uitkomsten vertelt Stadssociologe en Directeur van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) Prof. dr. Beate Völker het volgende: “Het feit dat je blij wordt door contact met je vrienden heeft direct effect voor je gezondheid, doordat stressgevoelens minder worden.”

9 op de 10 mensen staan open voor meer diversiteit

Gemiddeld hebben Nederlanders 4 goede vrienden in hun zogenaamde ‘inner cirle’. Het contact binnen deze kring is hecht en onderling vertonen de vrienden doorgaans veel overeenkomsten. Een opvallende uitkomst van het onderzoek is dat zij die op één of meer aspecten veel lijken op hun vrienden, openstaan voor meer diversiteit in hun vriendschappen. Maar liefst 92% van hen geeft aan open te staan voor vrienden met een andere leeftijd. Als het gaat om vriendschappen met mensen van een andere sekse, opleiding en hobby dan staat 89% daarvoor open. En 78% staat open voor nieuwe vriendschappen met mensen die een andere migratieachtergrond of leefstijl hebben.

Diversiteit is al een stuk vanzelfsprekender binnen de zogeheten ‘outer circle’; een vriendenkring van gemiddeld 10 mensen waartussen het contact iets minder hecht is. Vanwege de wat grotere onderlinge verschillen binnen deze vriendenkring, is de outer circle nog altijd waardevol. Diversiteit werkt namelijk inspirerend omdat mensen met andere inzichten en achtergronden onze blik op de wereld verruimen. Beate Völker: “Vriendschappen zijn de ultieme zelfgekozen relaties die veel weg hebben van partnerschappen. Veel van onze relaties of ons netwerk ‘krijgen’ we; je wordt geboren in een familie, buren komen met het huis dat je kiest en collega’s met je baan. Vrienden zoeken en vinden elkaar en dat loopt soms dwars door alle mogelijke sociale settings heen.”

Meer fysiek contact

Contact tussen vrienden bestaat zowel uit fysiek als digitaal contact. Ruim 4 op de 5 mensen ‘praat’ met hun inner circle via WhatsApp. Binnen de outer circle geldt dat voor driekwart van de mensen. Deze aantallen zijn niet wezenlijk anders dan voor de coronapandemie. Het fysieke contact tussen vrienden is wel toegenomen vergeleken met de situatie voor de pandemie. Voor de inner circle geldt dat 4 van de 5 vrienden momenteel fysiek contact met elkaar hebben terwijl dat voor de pandemie met 2 op de 3 vrienden lager lag. Ook bij de outer circle zien we een toename. Voor de pandemie had iets meer dan de helft fysiek contact met deze vriendkring. Momenteel is dat fysieke contact tussen vrienden gegroeid naar 3 op de 5. De resultaten van het onderzoek wijzen erop dat mensen een inhaalslag maken als het om vriendschap gaat. We hebben elkaar gemist in coronatijd.

Bron: vierdevriendschap.nl

23 september 2022

Bijna de helft van de mediamakers voelt meer druk vanuit de maatschappij om een representatiever beeld van mannen en vrouwen te geven dan vijf jaar geleden. Dat blijkt uit de nieuwe publicatie van WomenInc: Blikopener. Ook geeft bijna 60% van de mediamakers aan dat het onderwerp diversiteit en inclusie binnen de mediasector minder een taboe is dan vijf jaar geleden. Maar in de praktijk gaat de verandering langzaam en zijn vrouwen nog steeds een stuk minder vaak in beeld dan mannen.

Mannen in de mediasector hechten minder waarde aan diversiteit van vrouwen

De mediasector is in beweging: het merendeel van de mediamakers zegt meer te doen op het gebied van inclusiviteit dan vijf jaar geleden. Maar tussen mediamakers bestaan op dit gebied nog grote verschillen. Mannen die werkzaam zijn in de media geven maar liefst twee keer vaker dan vrouwen aan zich geen zorgen te maken over de representatie van vrouwen in de media. Ook ligt het percentage vrouwen dat hun werkplek beoordeelt als niet divers en inclusief hoger dan bij mannen. Daarnaast zijn meer vrouwen dan mannen in de mediasector bewust bezig met het onderwerp diversiteit en inclusie en vrouwen maken zich vaker zorgen over een ondervertegenwoordiging van bepaalde groepen. Een meer diverse organisatie op het gebied van gender kan dus een katalysator zijn voor meer diversiteit in de media. Op dit moment is nog geen één derde van de leidinggevenden in de film-en mediasector vrouw.

Mannen nog steeds vaker in beeld dan vrouwen

Hoewel de meerderheid van de mediamakers aangeeft dat het belangrijker is geworden om een breed publiek te representeren in de media dan vijf jaar geleden, is de representatie van vrouwen in de media in die tijd maar mondjesmaat toegenomen. In de traditionele nieuwsmedia – krant, tv en radio – is tussen 2005 en 2020 is het percentage vrouwen iets toegenomen, maar het percentage kwam tot dusver nooit boven de 30%. Niet alleen komen vrouwen minder vaak in beeld dan mannen, ook komen zij op een andere manier in beeld. Het percentage vrouwen dat als expert aan het woord kwam in non-fictie programma’s lag in 2021 bijvoorbeeld op slechts 26,7%. Ook tussen vrouwen bestaan nog grote verschillen. Van alle vrouwen zijn de witte, jonge, heteroseksuele vrouwen in de meerderheid in de media. 

Mediamakers moeten eigen vooroordelen erkennen

De media beïnvloeden in grote mate hoe we als mensen over elkaar denken. Er komen dagelijks veel beelden en woorden op ons af via onder andere de krant, televisie of radio. Wanneer deze beelden en woorden een onvolledig beeld van de werkelijkheid geven, of slechts een deel van de samenleving representeren, kan dit leiden tot (onbewuste) vooroordelen en ongelijke kansen. Mediamakers spelen dus een grote rol bij beeldvorming, maar hebben net als anderen zelf ook (onbewuste) vooroordelen. Toch erkent slechts 61% van hen dit, en van de mensen die wel aangeeft bevooroordeeld te zijn zegt slechts één op de vijf dat deze vooroordelen van invloed zijn op hun werk.  

‘’We zijn blij dat de mediawereld haar blik meer heeft geopend en het belang ziet van betere representatie van vrouwen in de media, maar dat alleen is niet genoeg, want in de praktijk zien we nog te weinig vooruitgang. Het niet erkennen van de eigen vooroordelen zou hier heel goed een verklaring voor kunnen zijn, het wordt dus echt tijd dat mediamakers hiermee aan de slag gaan voor meer diversiteit en betere representatie in de media.’’ – Emma Lok, directeur Programma’s bij WOMEN Inc.

In 2017 richtte WOMEN Inc. de Coalitie Beeldvorming in de Media op, om samen met mediaorganisaties als RTL, NPO en VICE kennis uit te wisselen en te werken  aan een inclusiever medialandschap. Daarnaast pleit WOMEN Inc. voor structureel onderzoek door de overheid naar de representatie van vrouwen in de media.

Over de publicatie

Vijf jaar geleden lanceerde WOMEN Inc. BeperktZicht, een publicatie over de stand van zaken op het gebied van beeldvorming in de media. Dit was destijds het allereerste thermometer-moment in de mediawereld. Nu, vijf jaar later, is dit onderzoek opnieuw uitgevoerd en aangevuld met nieuwe vragen om de ontwikkelingen te meten. Hiervoor werd door Direct Research een peiling gedaan onder 251 mediamakers in Nederland en werden er gesprekken gevoerd met mediamakers. 

Bron: womeninc.nl

1 september 2022

De coronapandemie heeft het consumentengedrag in Nederland ingrijpend veranderd, zo blijkt uit onderzoek van marktonderzoeksbureau DirectResearch in opdracht van Westfield Mall Of The Netherlands. De behoefte om er op uit te gaan is groter, sociale verbinding is belangrijker en consumenten – zeker de jongere doelgroepen – vullen hun tijd anders in, waardoor zij ook graag activiteiten zoals shoppen en dineren willen kunnen combineren.

Westfield Mall Of The Netherlands opende te midden van de pandemie en heeft zich desondanks in korte tijd weten te ontwikkelen tot een trekpleister met landelijke uitstraling. De grootste mall van Nederland trekt ruim een jaar na de opening gemiddeld ruim één miljoen bezoekers per maand en de winkels zijn open tot 20:00 uur ’s avonds. Om inzicht te krijgen in hun wensen en behoeften, is door DirectResearch een representatief* onderzoek gedaan naar het shop- en vrijetijdsgedrag van de Nederlandse consument.

Uit dit tussen 1 en 8 juli 2022 gehouden onderzoek blijkt onder meer dat ruim een derde van de Nederlanders inmiddels andere activiteiten onderneemt dan voor de COVID-pandemie. Voor bijna de helft van de ondervraagden geldt dat zij meer dan voorheen de behoefte hebben om fysiek met anderen af te spreken en dit bij voorkeur buiten de deur doen. Winkelen, dat door 71 procent van de respondenten als ontspannend wordt ervaren, is een van de meest favoriete sociale activiteiten, op de voet gevolgd door buitenshuis lunchen of dineren. Van de personen die ‘fysiek winkelen voor plezier’ als favoriete bezigheid heeft aangevinkt, is de volle 100 procent het afgelopen half jaar minstens eenmaal wezen funshoppen, 84 procent van die groep heeft buiten de deur gegeten. Andere activiteiten, van een strandbezoek tot sport, bioscoop of uitgaan naar theater, café of club liggen daar in deze respondentengroep ver onder.

Voor 41 procent van de funshoppers ondervraagden geldt dat zij nu vaker samen winkelen dan voor corona en ruim een derde vindt het sociale component een belangrijke reden om te winkelen. Op dit vlak tekent zich echter wel een generatiekloof af. In de leeftijdscategorie categorie 18-37 jaar (Gen Z en Gen Y) is de behoefte om samen te winkelen procentueel significant hoger dan de categorie 53-67 jaar.

Die generatiekloof is er ook op regelmatig aan winkelen gerelateerde additionele bezigheden, zoals uit eten gaan. Waar gemiddeld 18 procent in de totale doelgroep eens in de twee weken uit eten gaat, geldt voor generaties Z en Y (de doelgroep tot en met 37 jaar) dat dit op 25 procent ligt. Dit is tevens de generatie voor wie ’s avonds op een vast tijdstip thuis eten geen gewoonte meer is. 67 procent van de respondenten die graag funshopt, combineert winkelen met uit eten gaan. Met het oog daarop is tevens onderzocht hoe vaak (en hoe graag) men ’s avonds zou willen shoppen om dit met een diner te kunnen combineren. Die resultaten zijn opvallend, daar slechts 2 procent aangeeft momenteel ‘s avonds te winkelen, maar 43 procent geeft aan dat het hen (zeer) aanspreekt om op avonden te (fun)shoppen als dat in combinatie met sociale activiteiten te combineren is. 81 procent van deze groep stelt in die gevallen ook na het winkelen waarschijnlijk te blijven eten in het betreffende winkelcentrum.

Met verspreid over 117.000 vierkante meter niet alleen (flagship) stores, maar ook vele bars, restaurants en attracties, sluit Westfield Mall Of The Netherlands nabij Den Haag dus naadloos aan op die veranderde consumentenbehoeften. Hier staat winkelen voor beleving, sociale interactie en een algeheel fijne dag uit. Westfield Mall Of The Netherlands heeft zich ontpopt als een lichtend voorbeeld van hoe miljoenen consumenten in de 21e eeuw bereikt kunnen worden met een op sociale verbinding gefocuste ervaring. De uitkomst van dit onderzoek onderstreept de gekozen koers en biedt genoeg fundering om deze verder uit te diepen.

*Het door marktonderzoeksbureau DirectResearch gehouden onderzoek [n=2915] biedt een representatieve weergave van de Nederlandse bevolking, uitgesplitst in de leeftijdscategorieën 18-37 (Gen Z & Y), 38-52 (Gen X), 53-67 (Boomers) en 68+ (Established).

Het onderzoek biedt verder inzicht in favoriete shopmomenten, andere manieren van tijdsbesteding en sociale behoeften.

Bron: Emerce.nl

25 juli 2022

Steeds meer mensen in zorg en welzijn vertrekken op eigen verzoek bij hun werkgever. Ruim 77% van de vertrekkers geeft dit aan. Bij een eerder onderzoek in 2020 was dit 64%. Te hoge werkdruk en onvrede over de leiding blijven de belangrijkste vertrekredenen. De gevolgen van corona speelden nauwelijks een rol.

Voor de derde keer (na 2018 en 2020) onderzocht Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) de redenen waarom medewerkers in zorg en welzijn hun baan opzeggen. En evenals vorige keren was de respons met 22% opvallend hoog (2020: 20%, 2018: 18%). In totaal gaven circa 5000 mensen hun mening over dit onderwerp.

Belangrijkste redenen

Wie zijn of haar baan opzegt, blijft over het algemeen wel in de sector werken. Ook dit jaar (net zoals in 2018 en 2020) blijven 3 op de 4 werknemers de sector trouw. Bijna een kwart verlaat de sector. De hoge werkdruk is nog altijd een belangrijke oorzaak waarom werknemers hun baan opzeggen. Een grote groep van 31% noemt de hoge werkdruk direct als reden (2020: 21%). Werknemers geven aan dat onderbezetting en de druk om continu uren te verantwoorden tot gevolg hebben dat zij niet de zorg kunnen leveren zoals zij dat zouden willen. Daarin zien we eerder een verslechtering dan een verbetering in de afgelopen twee jaar.

Vaak wordt ondersteuning vanuit de leidinggevende gemist. Als oorzaak worden onder andere de vele wisselingen van de leidinggevenden genoemd. Voor wat betreft de organisatie is er vaak sprake van te sterke hiërarchie, bureaucratie of chaos waardoor men zich benadeeld of niet gehoord voelt. Soms is de inhoud van het werk niet meer aantrekkelijk of de relatie met collega’s matig. Ook hierbij speelt de organisatie een rol. Het management grijpt bijvoorbeeld niet in als de sfeer in een team slecht is of bij pestgedrag. Daarnaast missen medewerkers regelmatig waardering.

Een andere constante factor in de drie onderzoeken is dat financiële beloning als vertrekreden minder belangrijk is. De beloning is voor maar 22% een reden om te vertrekken. De helft van de vertrekkers gaat er financieel op vooruit in de nieuwe baan (gemiddeld ruim 10%). Slechts 11% gaat er op achteruit. 

Corona

Voor bijna 80% speelde corona geen rol bij het vertrek. Bij 16% is het wel een belangrijke of de enige reden. Als corona (deels) een reden is dan gaat het -voor de vrijwillige vertrekkers – vooral om een verandering in werksfeer en de werkdruk die het laatste zetje zijn om te vertrekken. Corona was soms ook reden om na te denken over de eigen loopbaan. Met uiteindelijk de keuze om elders te gaan werken. Het risico om zelf ziek te worden of anderen te besmetten was nauwelijks van invloed. Binnen de groep waarbij corona een rol speelde, was dit maar bij circa 10% een vertrekreden (in 2020 was dit nog 25%). 

Ontslagen door werkgever

Aan medewerkers waarvan het dienstverband door de werkgevers is beëindigd (13%) vroegen we naar de redenen van die beëindiging. De belangrijkste reden was langdurige ziekte/arbeidsongeschiktheid. Daarnaast werden onvoldoende werk of het niet meer passend zijn van het werk genoemd. Uit open reacties blijkt dat men vaak ontslagen wordt wanneer een tijdelijk contract zou moeten worden omgezet naar een nieuw contract. En dat eventueel in combinatie met ziekte. 

Stabiel maar zorgelijk beeld

Na drie onderzoeken in vier jaar naar de redenen van vertrek in zorg en welzijn, is het beeld stabiel maar ook zorgelijk. Bij toenemende personeelskrapte lukt het werkgevers  niet goed om de uitstroom terug te dringen. Sterker nog, steeds meer medewerkers zeggen zelf hun baan op en gaan hun geluk bij een andere werkgever binnen of buiten de sector beproeven. De redenen van vertrek zijn al jaren ongeveer gelijk. Toch slaagt de sector er niet in om het tij te keren. In een tijd waarin de noodzaak en beschikbaarheid van goede zorg meer dan ooit duidelijk is geworden, is dat geen positieve constatering. 

Uitstroomdata ook voor werkgevers beschikbaar

PFZW heeft dit onderzoek kunnen uitvoeren omdat het beschikt over de data van alle aangesloten deelnemers en werkgevers van het pensioenfonds. Ook werkgevers kunnen van deze data profiteren. Het HR-dataportaal van PFZW helpt werkgevers op een laagdrempelige manier aan relevante data over instroom, uitstroom, functieprofielen en andere gegevens van de eigen populatie. Het dataportaal biedt de mogelijkheid om deze data te vergelijken met soortgelijke organisaties, maar ook om zelf analyses te maken.